permitir
Naar navigatie springen
Naar zoeken springen
Spaans
Uitspraak
- IPA: /peɾ.mi.ˈtiɾ/
Woordafbreking
- per·mi·tir
Werkwoord
permitir
stamtijd | ||
---|---|---|
infinitief | verleden tijd |
voltooid deelwoord |
permitir |
permitía |
permitido |
volledig |
- overgankelijk toestaan, toelaten, toestemmen, permitteren, veroorloven
- dulden, tolereren
- mogelijk maken