overvaren
Uiterlijk
- over·va·ren
- samenstelling van over bw en varen ww
- overváren [2]: vervoeging van overvaren: de stam met de uitgang -en, zonder ge- vanwege voorvoegsel (is gelijk aan de onbepaalde wijs)
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| overvaren |
overvoer |
overvaren |
| klasse 6 | volledig | |
overváren
- overgankelijk varend onder de voet lopen
- Het vlot met drenkelingen werd over overvaren door een mammoettanker.
- voltooid deelwoord van overvaren
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| overvaren |
voer over |
overgevaren |
| klasse 6 | volledig | |
óvervaren
- ergatief varend zich naar de overzijde begeven
- Ze waren de Atlantische Oceaan overgevaren.
- inergatief naar de overzijde varen
- Vroeger werd er bij Kruiningen en Perkpolder overgevaren.
- overgankelijk iemand varend naar de overzijde brengen
- De schipper besloot ondanks het gevaar de verzetsmensen over te varen.
- Het woord overvaren staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "overvaren" herkend door:
| 96 % | van de Nederlanders; |
| 93 % | van de Vlamingen.[1] |
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 9
- Klemtoonhomogram in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 4 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Samenstelling in het Nederlands
- Voltooid deelwoord gelijk aan onbepaalde wijs
- Sterk werkwoord klasse 6 in het Nederlands
- Werkwoord in het Nederlands
- Onscheidbaar werkwoord in het Nederlands
- Overgankelijk werkwoord in het Nederlands
- Werkwoordsvorm in het Nederlands
- Scheidbaar werkwoord in het Nederlands
- Ergatief werkwoord in het Nederlands
- Inergatief werkwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 96 %
- Prevalentie Vlaanderen 93 %