overdonderen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • over·don·de·ren
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
overdonderen
overdonderde
overdonderd
zwak -d volledig

Werkwoord

overdonderen

  1. (overgankelijk) verbluffen
    Het nieuws overdonderde de menigte.
Vertalingen