oren

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • oren
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
oren
oorde
geoord
zwak -d volledig

Werkwoord

oren

  1. (Jiddisch-Hebreeuws) bidden
Verwijzingen

Zelfstandig naamwoord

oren mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord oor


Spaans

Werkwoord

vervoeging van
orar

oren

  1. aanvoegende wijs derde persoon meervoud tegenwoordige tijd (presente) van orar
  2. gebiedende wijs (bevestigend en ontkennend) derde persoon meervoud tegenwoordige tijd (presente) van orar