opklaring

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • op·kla·ring
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord opklaring opklaringen
verkleinwoord opklarinkje opklarinkjes

Zelfstandig naamwoord

opklaring v

  1. het wegtrekken van de bewolking
    Het wordt regenachtig, maar in de middag zullen er enkele opklaringen zijn.
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.