onnet

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • on·net
Woordherkomst en -opbouw
  • afleiding net met het voorvoegsel on-
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen onnet onnetter onnetst
verbogen onnette onnettere onnetste
partitief onnets onnetters -

Bijvoeglijk naamwoord

onnet [1]

  1. niet beleefd, niet wellevend
     De vrolijke uitvoering is ook goed om de prinsesjes wat streetwise te maken. Het liedje Rotmeid, rotmeid, heb je bezoek?! Rotmeid, rotmeid! Pis in je broek! (uit de Stratenmakeropzeeshow) kennen ze nu tenminste ook. Bij het Poep- en piesmenuet van Hans Dorrestijn ('de woorden poep en pies zijn onnet en erg vies') knijpt Alexia (3) met een vies gezicht haar neus dicht.[2]
Synoniemen
Antoniemen

Gangbaarheid

43 % van de Nederlanders;
51 % van de Vlamingen.[3]

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. Bronlink Weblink bron “Prinses Amalia roept: 'poepie!'” (22 juni 2009), Het Parool
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be