octrooi

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • oc·trooi
enkelvoud meervoud
naamwoord octrooi octrooien
verkleinwoord octrooitje octrooitjes

Zelfstandig naamwoord

octrooi o

  1. machtiging om een bepaalde tijd als enige, met uitsluiting van anderen, van een uitvinding te kunnen profiteren
    • Wie een octrooi aanvraagt, moet tot in detail openbaar maken hoe zijn uitvinding tot stand is gekomen. 
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders
94 % van de Vlamingen.

Meer informatie