legkip

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • leg·kip
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord legkip legkippen
verkleinwoord legkippetje legkippetjes

Zelfstandig naamwoord

legkip v

  1. kip, gefokt voor de eierproductie
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie