kropsla

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • krop·sla
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord kropsla -
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

kropsla v/m

  1. (plantkunde) (groente) Lactuca sativa op Wikispecies (var. capitata) slaplant waarvan de bladeren een vaste krop vormen
Vertalingen

Gangbaarheid

93 % van de Nederlanders;
96 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be