kimspiegel

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Het principe van een sextant. Bovenaan de grote, linksonder de kimspiegel

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kim·spie·gel
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord kimspiegel kimspiegels
verkleinwoord kimspiegeltje kimspiegeltjes

Zelfstandig naamwoord

kimspiegel m

  1. (scheepvaart), (optica) een halfdoorlatende spiegel van een sextant of octant, waardoorheen men tegelijk de horizon, en een gereflecteerd van een hemellichaam kan zien
    • Een spiegelsextant heeft twee spiegels: één die met de alhidade meedraait (de zg. grote spiegel) en de andere, de kleine spiegel, is de kimspiegel. 
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid