Naar inhoud springen

kapotgaan

Uit WikiWoordenboek
  • ka·pot·gaan
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
kapotgaan
ging kapot
kapotgegaan
klasse 7 volledig

kapotgaan

  1. beschadigd raken waardoor iets niet meer functioneert
    • Als je een kopje laat vallen gaat het kapot. 
  2. (verouderd) (informeel) het leven verliezen
90 %van de Nederlanders;
87 %van de Vlamingen.[1]
  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be