kamille

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ka·mil·le
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘plantengeslacht’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1351 [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord kamille kamillen
kamilles
verkleinwoord kamilletje kamilletjes

Zelfstandig naamwoord

kamille v/m

  1. (plantkunde) elk van de planten van het geslacht Matricaria
    • Hij is een verzamelaar van kamillen. 
  2. een geneesmiddel dat gemaakt wordt van de gedroogde bloemhoofdjes van de kamille
    • Zij wist niet dat kamille ook een geneesmiddel is. 
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen