Naar inhoud springen

intermezzo

Uit WikiWoordenboek
  • in·ter·mez·zo
  • van Italiaans  , in de betekenis van ‘tussenspel’ aangetroffen vanaf 1810 [1] [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord intermezzo intermezzo's
verkleinwoord intermezzootje intermezzootjes

hetintermezzoo

  1. (toneel) kleine vertoning, zangspel of ballet tussen de bedrijven van een toneelstuk gegeven
  2. (muziek) klein muziekstuk als overgang tussen twee grotere muziekstukken
    • Tijdens het intermezzo speelde er een bandje. 
  3. (figuurlijk) iets dat gezegd of gedaan wordt in afwijking, als afdwaling van het eigenlijke onderwerp
  4. (geschiedenis) (figuurlijk) periode tussen twee tijdperken
     Maar dat het pas later in het onderwijsprogramma kwam, wanneer de leerlingen beter in staat waren de inhoud van dit verschrikkelijke intermezzo in de geschiedenis van Europa in zich op te nemen.[3]
98 %van de Nederlanders;
97 %van de Vlamingen.[4]