impotent

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • im·po·tent
Woordherkomst en -opbouw
  • van het Frans impotent; op te vatten als afleiding van potent met het ontkennend voorvoegsel in-; [2] kan mogelijk juist andersom de betekenis van potent hebben beïnvloed[1]
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen impotent impotenter impotentst
verbogen impotente impotentere impotentste
partitief impotents impotenters -

Bijvoeglijk naamwoord

impotent

  1. onbekwaam
  2. (seksualiteit) niet in staat een erectie te krijgen
    impotent bij Woordenboek der Nederlandse taal (1500 tot ...)
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl


Frans

Woordherkomst en -opbouw

Bijvoeglijk naamwoord

impotent

  1. onbekwaam, gehandicapt
Overerving en ontlening