hopper

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • hop·per
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord hopper hoppers
verkleinwoord hoppertje hoppertjes

Zelfstandig naamwoord

hopper m [4] [5]

  1. voertuig waarmee men kan hoppen
  2. trechtervormige laadruimte met een losklep
  3. (scheepvaart) vaartuig, ingericht met een trechtervormige laadruimte, om bagger te vervoeren, onderlosser
Hyponiemen
Afgeleide begrippen


Meer informatie

Verwijzingen

  1. etymologiebank.nl
  2. etymologiebank.nl
  3. etymologiebank.nl
  4. Woordenboek der Nederlandse taal
  5. Woordenboek der Nederlandse taal



Deens

Woordafbreking
  • hop·per

Werkwoord

hopper

  1. tegenwoordige tijd van hoppe

Zelfstandig naamwoord

hopper, mv

  1. onbepaalde vorm nominatief meervoud van hoppe


Noors

Woordafbreking
  • hop·per
Naar frequentie 1842

Werkwoord

hopper

  1. tegenwoordige tijd van hoppe

Zelfstandig naamwoord

hopper, mv

  1. onbepaalde vorm nominatief meervoud van hoppe


Nynorsk

Woordafbreking
  • hop·per

Zelfstandig naamwoord

hopper, mv

  1. onbepaalde vorm nominatief meervoud van hoppe