grietje

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • griet·je

Zelfstandig naamwoord

grietje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord griet

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
98 % van de Vlamingen.