goedschiks

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • goed·schiks
Woordherkomst en -opbouw

Bijwoord

goedschiks

  1. op een constructieve, coöperatieve manier
    • Wij hebben het conflict goedschiks op kunnen lossen. 
Antoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
93 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be