getuigd

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·tuigd
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van
getuigen

getuigd

  1. voltooid deelwoord van getuigen

Werkwoord

vervoeging van
tuigen

getuigd

  1. voltooid deelwoord van tuigen
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen getuigd getuigder getuigdst
verbogen getuigde getuigdere getuigdste
partitief getuigds getuigders -

Bijvoeglijk naamwoord

getuigd

  • voorzien van tuig of tuigage
    • (...) de dichter vergelijkt zich met een getuigd paard dat een riem (vorbouch) voor de borst (bouch) heeft (..) [2]
    • Bilderdijk tekent echter een dwarsscheeps getuigd schip: (...) [3]
Hyponiemen

Gangbaarheid

94 % van de Nederlanders
93 % van de Vlamingen.

Verwijzingen