geldprijs

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • geld·prijs
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord geldprijs geldprijzen
verkleinwoord geldprijsje geldprijsjes

Zelfstandig naamwoord

geldprijs m

  1. een prijs die bestaat uit een hoeveelheid geld
    • Op het Internationaal Film Festival Rotterdam (IFFR) heeft The Widowed Witch van Cai Chengjie de Hivos Tiger Award 2018 gewonnen. Dat maakte de organisatie van het evenement vrijdag bekend. Het is het filmdebuut van de Chinese regisseur. Bij de award hoort een geldprijs van 40.000 euro.[1] 
    • De 62-jarige man die 30 miljoen won bij de oudejaarstrekking van de Staatsloterij, geeft de enorme geldprijs aan zijn kinderen. Hij heeft ’niets nodig’. Veel liever zou hij de tijd een jaar terugdraaien, zodat hij bij zijn overleden vrouw kan zijn.[2] 
    • Unilever had 23 tickets afgenomen voor de toekomstige ruimtereis, die zijn gebruikt in een marketingcampagne voor een deodorantmerk. “Er is sprake van een voorwaardelijke overeenkomst met SXC. Tot onze spijt zal een ruimtereis niet doorgaan, maar Unilever wil dat de prijswinnaars de prijs krijgen waar ze recht op hebben. We hebben ze een alternatieve geldprijs aangeboden”, zegt een woordvoerder. Wat het bedrag exact is, maakt Unilever niet bekend, het is een ‘aanzienlijke geldsom’.[3] 
    • Acht bekende Nederlandse YouTubers doen mee aan de Challenges Cup die Endemol Shine heeft ontwikkeld in samenwerking met de Nationale Postcode Loterij. Vanaf maandag 6 november gaan Kelvin Boerma, Dylan Haegens, Gio Latooy, Jill van Dooren, Sophie Milzink, Kaj van der Ree, Quinty Misiedjan en Marije Zuurveld, gedurende vijf maanden strijden om een geldprijs voor een goed doel.[4] 
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. de Telegraaf 02 feb. 2018
  2. de Telegraaf 03 jan. 2018
  3. de Telegraaf YTEKE DE JONG 13 nov. 2017
  4. de Telegraaf 02 nov. 2017