gastenboek

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • gas·ten·boek
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord gastenboek gastenboeken
verkleinwoord gastenboekje gastenboekjes

Zelfstandig naamwoord

gastenboek o

  1. een boek of elektronische versie daarvan waarin bezoekers hun opmerkingen achter kunnen laten
    • Het gastenboek bevatte een groot aantal bijdragen van bekende persoonlijkheden. 
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie