funderen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • fun·de·ren
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
funderen
fundeerde
gefundeerd
zwak -d volledig

Werkwoord

funderen

  1. (overgankelijk) (bouwkunde) een fundering aanbrengen
  2. (overgankelijk) overdrachtelijk een stel beweegredenen formuleren die als grondslag van iets dienen
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen
Gangbaarheid
98 % van de Nederlanders
98 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen
  1. Wiktionnaire