evenwichtig

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • even·wich·tig
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen evenwichtig evenwichtiger evenwichtigst
verbogen evenwichtige evenwichtigere evenwichtigste
partitief evenwichtigs evenwichtigers -

Bijvoeglijk naamwoord

evenwichtig

  1. in gelijke balans zijnd
    Er was een evenwichtig dieet samengesteld dat ervoor zorgde dat alle vitaminen in voldoende mate binnenkwamen.
Antoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.
Verwijzingen