equivalent

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • equi·va·lent
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord equivalent equivalenten
verkleinwoord equivalentje equivalentjes

Zelfstandig naamwoord

equivalent o

  1. iets gelijkwaardigs
    Dat is het equivalent van drie glazen bier.
  2. (taalkunde) een woord of woordgroep in een bepaalde taal dat verwijst naar precies hetzelfde concept als een woord of woordgroep in een andere taal
    Chambres d'hôte is het Franse equivalent van 'bed and breakfast'.
  3. (taalkunde) een woord met volledig gelijke betekenis
    'Plezant' is het Vlaamse equivalent van 'leuk'.
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen equivalent equivalenter equivalentst
verbogen equivalente equivalentere equivalentste
partitief equivalents equivalenters -

Bijvoeglijk naamwoord

equivalent

  1. gelijkwaardig.
    Dat is een equivalente vorm.
Synoniemen
Gangbaarheid
97 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie