Naar inhoud springen

emerald

Uit WikiWoordenboek
De Gachalá op Wikipedia (en) is een groot stuk emerald.
  • eme·rald
enkelvoud meervoud
naamwoord emerald -
verkleinwoord - -

hetemeraldo

  1. (mineraal) groene variëteit van beril, structuurformule Be3Al2(SiO3)6
  2. (kleur) groen als smaragd
    • Ik gaf haar een hand, het emerald van haar ogen kreeg twinkellichtjes. [3]
enkelvoud meervoud
naamwoord emerald emeralden
verkleinwoord - -

deemeraldm

  1. groene edelsteen van beril
    • Kennis van de natuur was half mythologisch: een "doctor universalis" als de grote Albertus Magnus geloofde in ernst dat een pad door zijn starre blik een emerald in gruizels kijken kon en verklaarde dat ook zelf te hebben gezien. [4]
  2. hoofdzakelijk rechthoekige slijpvorm voor edelstenen
66 %van de Nederlanders;
69 %van de Vlamingen.[5]
  • Afkomstig van het Middelengelse emeraude.
enkelvoud meervoud
emerald emeralds

emerald

  1. siersteen