smaragd

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Smaragd.

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • sma·ragd
enkelvoud meervoud
naamwoord smaragd -
verkleinwoord - -
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘edelgesteente’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1475 [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord smaragd smaragden
verkleinwoord smaragdje smaragdjes

Zelfstandig naamwoord

smaragd

  1. o (mineraal) een variëteit van beril die geldt als de edelste steen uit de berylgroep met chemische formule Be3Al2(SiO3)6,
  2. m een edelsteen bestaande uit het mineraal [1]
Hyperoniemen
Anagrammen
Vertalingen

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen