eenzaam

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • een·zaam
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen eenzaam eenzamer eenzaamst
verbogen eenzame eenzamere eenzaamste
partitief eenzaams eenzamers -

Bijvoeglijk naamwoord

eenzaam

  1. gebrek aan gezelschap ondervindend
    De eenzame weduwnaar raakte aan de drank.
  2. zonder veel mensen dus rustig en stil
    Ik fiets en wandel graag over eenzame wegen en paden in Twente.
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Meer informatie