draagstok

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

vervoer met draagstok
Uitspraak
Woordafbreking
  • draag·stok
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord draagstok draagstokken
verkleinwoord draagstokje draagstokjes

Zelfstandig naamwoord

draagstok m

  1. een houten staaf die over de schouder wordt gedragen en aan beide uiteinden een even zware last heeft hangen
    • „Pikulan” verwijst naar het Indonesische woord voor draagstok. Het logo van de stichting toont een man met zo’n stok. De last aan de ene kant symboliseert Nederland, die aan de andere kant Indonesië; de stichting vormt als het ware de dragende verbinding tussen beide. [1] 
    • Een citaat: „Sulong gooide de munten voor zijn voeten; zijn gezichtsuitdrukking was niet te doorgronden. Je zegt het nog ook, bromde hij, en hij zette zijn voet op de handen die de munten op wilde rapen. Ruggengraatloze nietsnut. En hij sloeg hem op zijn hoofd met zijn draagstok, (...) Wulong liet de stok vallen en zag het bloed uit het hoofd van de jongen door zijn vingers druipen. Hij keek hem scherp aan en zei: nu zie ik haat in je ogen. Dat is goed.”[2] 
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

95 % van de Nederlanders;
92 % van de Vlamingen.[3]

Verwijzingen

  1. Reformatorisch Dagblad Arie Maasland 11-02-2009 Een draagstok die hulp biedt
  2. NRC Michael Hockx 28 februari 1997 Haat in China
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be