demon

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Aartsengen Michaël verslaat demon
Uitspraak
Woordafbreking
  • de·mon
enkelvoud meervoud
naamwoord demon demonen, demons
verkleinwoord demoontje demoontjes

Zelfstandig naamwoord

demon m

  1. (religie) een boze geest of gevallen engel of ander bovennatuurlijk wezen
    - Aan iedere doodszonde wordt een bepaalde demon toegeschreven.
    - Met het goed gemikt openen en sluiten van een luik tussen twee ruimtes krijgt Maxwells demon alle warme moleculen aan de ene en alle koude aan de andere kant.[1]
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie

  • NRC Bruno van Wayenburg 8 januari 2016