daaraf

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • daar·af
Woordherkomst en -opbouw
  vnw. bijw.
  voorzetselbijwoord     af  
 persoonlijk     eraf  
aanwijz.   nabij     hieraf  
  veraf     daaraf  
  vragend/betrekk.     waaraf  

Voornaamwoordelijk bijwoord

(scheidbaar)
daaraf

  1. vervangt *van dat af, *van die af
    • Toen sprong hij daaraf. 
Vertalingen

Gangbaarheid

64 % van de Nederlanders;
73 % van de Vlamingen.