contacto

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Spaans

Uitspraak
Woordafbreking
  • con·tac·to
enkelvoud meervoud
contacto contactos

Zelfstandig naamwoord

contacto m

  1. contact, aanraking
  2. contactpersoon
  3. connectie
  4. schakelaar
Verwante begrippen
Synoniemen
Verwijzingen

Werkwoord

vervoeging van
contactar

contacto

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van contactar