constateur
Uiterlijk
- Geluid: constateur (hulp, bestand)
- IPA: / kɔnsta'tør / (3 lettergrepen)
- con·sta·teur
- Naamwoord van handeling van constateren met het achtervoegsel -eur (met het voorvoegsel con-)[1]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | constateur | constateurs |
| verkleinwoord | constateurtje | constateurtjes |
de constateur m
- toestel bestemd om de aankomsttijd van postduiven te registreren bij een wedstrijd, een duivenklok
- iemand die constateert
- Het woord constateur staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 10
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 3 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Achtervoegsel -eur in het Nederlands
- Voorvoegsel con- in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal