constatering
Uiterlijk
- Geluid: constatering (hulp, bestand)
- IPA: / kɔnsta'terɪŋ / (4 lettergrepen)
- con·sta·te·ring
- Naamwoord van handeling van constateren met het achtervoegsel -ing [1][2]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | constatering | constateringen |
| verkleinwoord | constaterinkje | constaterinkjes |
de constatering v
- het constateren
- Na de constatering dat de boekhouder afwezig was, ging de vergadering verder.
- ▸ Hij kon gewoonweg niet meer verder. Zijn leven was zinloos geworden. Mede door deze constatering waren zijn hersens op hol geslagen.[3]
- ▸ Advocaat Van Tilborg wist zich duidelijk geen raad met deze constatering en zei dat deze zaak in een andere procedure tot de bodem moet worden uitgezocht.[4]
- Het woord constatering staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "constatering" herkend door:
| 99 % | van de Nederlanders; |
| 94 % | van de Vlamingen.[5] |
- ↑ constatering op website: Etymologiebank.nl
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑ “All-inclusive”
(2006), A. W. Bruna Uitgevers B. V. , Utrecht
, ISBN 90-229-9182-2 - ↑
Weblink bron Angelique Kunst“Na elk krantenartikel lijdt Gerard Sanderinks Centric verlies: ‘We worden afgeschilderd als domme mensen’” (26-04-2022), Tubantia - ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 12
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 4 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Achtervoegsel -ing in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- WikiWoordenboek:Pagina's die ISBN magische koppelingen gebruiken
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 99 %
- Prevalentie Vlaanderen 94 %