carbats

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • car·bats
Woordherkomst en -opbouw

Zelfstandig naamwoord

carbats

  1. verouderde spelling of vorm van karbats van vóór 1805: (paardrijden) (verouderd) leren rijzweep met handvat
    • de Russchen te paerde sittende … hebben ordinairis een corte dicke Sweep, dewelcke een Carbats ghenaemt wert, aen haren riem hanghen, met een snoerken aen de handt vast, om de handt daer door te steecken, twelck haer meest te passe comt als de Sweden haer achter haer garen comen, ende de vlucht moeten nemen, latende alle haer ander instrumenten varen, ende ghebruycken dan alleen dese Carbats, ghestadelick int omsien de paerden daer mede toedeckende, alst op vlack velt is, ende spoeden haer dapper om in haer Vestinghen te comen, alwaer sy wederom staen als Switsers, als de Poort naer haer naers toe is, ende van achter bevrijdt sijn [3]
Synoniemen
Opmerkingen
  • In de oudste bewijsplaats uit 1616 is de schrijfwijze "carbats" met een c, daarna is de vorm "karbats" met een k twee eeuwen gangbaar geweest, maar in de loop van de 19e eeuw verdrongen door "karwats".

Gangbaarheid

Verwijzingen