Naar inhoud springen

burcht

Uit WikiWoordenboek
[1] burcht
[2] dassenburcht
  • burcht
  • In de betekenis van ‘versterkte plaats’ voor het eerst aangetroffen in 709 [1] [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord burcht burchten
verkleinwoord burchtje burchtjes

deburchtv/m [3]

  1. kasteel, plaats versterkt met een gracht, aarden wal en/of zware stenen muren
     De prachtige opgeknapte romaanse burcht heeft op elke hoek een ronde toren met een zwak aflopend dak met grijze leien.[4]
     Enkele wel - maar de slachtoffers liet Frieda brutaalweg naar de veroverde burcht brengen, waar ze ook meteen werden opgenomen.[5]
    • De Beurs van Berlage is een beetje somber gebouw - meer een donkere burcht dan een modernistisch bouwwerk. De nieuwe, ondergrondse publieksruimte, het resultaat van een forse verbouwing, verandert dat beeld niet. De tentoonstellingsruimte heeft een laag plafond, geen daglicht en de akoestiek is problematisch.[6] 
  2. ondergronds dierenverblijf met meerdere ingangen van een das, vos, otter, konijn of bever (-> beverburcht, dassenburcht, vossenburcht etc.)
    • Nationaal beschermde soorten mogen niet worden gedood of gevangen, stelt de nieuwe wet, en hun leefgebieden mogen niet worden vernietigd. Maar verstoren mag voortaan wel, ook als dat opzettelijk gebeurt. Zo mag een dassenburcht niet worden vernietigd, maar een boer mag bij wijze van spreken wel naast de ingang net zo lang vuurwerk afsteken tot de das zijn burcht verlaat.[7] 
98 %van de Nederlanders;
99 %van de Vlamingen.[8]