bouwterrein
Uiterlijk
- Geluid: bouwterrein (hulp, bestand)
- IPA: / ˈbɑutəˌrɛin / (3 lettergrepen)
- (Noord-Nederland): /ˈbʌʊ̯.tɛ.ˌrɛɪ̯n/
- (Noord-Nederland): /ˈbɔʊ̯β̞.tɛ.ˌrɛːn/
- bouw·ter·rein
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | bouwterrein | bouwterreinen |
| verkleinwoord | bouwterreintje | bouwterreintjes |
het bouwterrein o
- afgegrensd stuk grond waarop gebouwd wordt of kan worden
- Het woord bouwterrein staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "bouwterrein" herkend door:
| 100 % | van de Nederlanders; |
| 99 % | van de Vlamingen.[2] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 11
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 3 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Samenstelling in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 100 %
- Prevalentie Vlaanderen 99 %