bolderik
Uiterlijk
- bol·de·rik
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | bolderik | bolderiken |
| verkleinwoord | - | - |
de bolderik m
- (bloemplanten) Agrostemma githago
een plant uit de anjerfamilie Caryophyllaceae
- Vroeger raakte bolderik soms meegemalen in het meel van de oogst en gaf dat vergiftigingsverschijnselen.
- Het woord bolderik staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "bolderik" herkend door:
| 52 % | van de Nederlanders; |
| 44 % | van de Vlamingen.[2] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ bolderik op website: Etymologiebank.nl
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be