Naar inhoud springen

bewind

Uit WikiWoordenboek
enkelvoud meervoud
naamwoord bewind bewinden
verkleinwoord bewindje bewindjes
  • be·wind
  • In de betekenis van ‘bestuur’ voor het eerst aangetroffen in 1351 [1]
  • [2]

hetbewindo

  1. een groep personen die de macht uitoefent
    • Het bewind van de dictator loopt op zijn eind. 
     Het Afrikaanse leger staat op het punt Spanje binnen te trekken om ons te steunen bij onze taak het onwaardige bewind te verpletteren dat het op zich heeft genomen om Spanje te vernietigen en te veranderen in een kolonie van Moskou.[3]
100 %van de Nederlanders;
99 %van de Vlamingen.[4]