belastingfraude

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·las·ting·frau·de
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord belastingfraude belastingfraudes
verkleinwoord belastingfraudetje belastingfraudetjes

Zelfstandig naamwoord

belastingfraude v / m

  1. fraude bij de belastingaangifte
    Zeven bankiers veroordeeld voor belastingfraude [1]
Vertalingen

Meer informatie

Verwijzingen
  1. www.nu.nl