behangsel

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·hang·sel
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord behangsel behangsels
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

behangsel o

  1. met motieven bedrukt papier of andere vlakke materialen waarmee wanden van kamers worden bekleed
Synoniemen
Hyperoniemen
Hyponiemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
93 % van de Vlamingen.

Meer informatie