beeldhouwen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • beeld·hou·wen
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
beeldhouwen
beeldhouwde
gebeeldhouwd
zwak -d volledig

Werkwoord

beeldhouwen

  1. overgankelijk uit steen een beeld vervaardigen
    • Een scène uit het tweede bedrijf van dat stuk werd gebeeldhouwd om de voorgevel van het nieuwe theater te sieren. 
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be