bataat

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Ipomoea batatas

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ba·taat
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Spaans, in de betekenis van ‘zoete aardappel’ voor het eerst aangetroffen in 1565 [1]
  • [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord bataat bataten
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

bataat m [3] [4]

  1. (plantkunde) (voeding) Ipomoea batatas op Wikispecies tropisch knolgewas, een soort grote zoete aardappel
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

37 % van de Nederlanders;
41 % van de Vlamingen.[5]

Meer informatie

Verwijzingen


Estisch

Uitspraak

Zelfstandig naamwoord

bataat

  1. (plantkunde) Ipomoea batatas op Wikispecies zoete aardappel

Meer informatie