audioboek

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • au·dio·boek
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord audioboek audioboeken
verkleinwoord audioboekje audioboekjes

Zelfstandig naamwoord

audioboek o

  1. (media) geluidsopname van een voorgelezen boek
Vertalingen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.

Meer informatie