Naar inhoud springen

astmatisch

Uit WikiWoordenboek
  • ast·ma·tisch
stellendvergrotendovertreffend
onverbogen astmatischastmatischer
verbogen astmatischeastmatischere
partitief astmatischastmatischers-

astmatisch

  1. last hebbend van astma
    • De astmatische man had moeite om de berg op te lopen. 
94 %van de Nederlanders;
93 %van de Vlamingen.[1]
  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be