afschrijving

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • af·schrij·ving
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord afschrijving afschrijvingen
verkleinwoord afschrijvinkje afschrijvinkjes

Zelfstandig naamwoord

afschrijving v

  1. (economie) een jaarlijks afgeboekt bedrag op een begroting om in rekening te brengen dat sommige goederen een beperkte levensduur bezitten
    • De afschrijving daarvan is over vijf jaar gespreid. 
  2. (financieel) een mededeling dat een bedrag op een rekening verrekend is
    • Ik heb daar nog geen afschrijving gezien. 
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen