adamskostuum

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • adams·kos·tuum
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord adamskostuum adamskostuums
verkleinwoord adamskostuumpje adamskostuumpjes

Zelfstandig naamwoord

adamskostuum o

  1. naaktheid, door het geheel ontbreken van kleding
     Niet iedereen op de trail stond te trappelen om in Adamskostuum op pad te gaan, maar van de zes mensen waarmee ik die nacht had gekampeerd, deden er drie naakt hun rugzak aan.[2]
Uitdrukkingen en gezegden

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
96 % van de Vlamingen.[3]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. adamskostuum op website: Etymologiebank.nl
  2. Tim Voors “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be