aangewend

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • aan·ge·wend

Werkwoord

vervoeging van
aanwenden

aangewend

  1. voltooid deelwoord van aanwenden
    • Deze techniek zal in de toekomst vaker aangewend worden. 

Werkwoord

vervoeging van
aanwennen

aangewend

  1. voltooid deelwoord van aanwennen
    • Ik heb mezelf aangewend om elke dag twee liter water te drinken.