Prinsjesdag

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

aanbieden van de rijksbegroting op Prinsjesdag 2015
Uitspraak
Woordafbreking
  • Prins·jes·dag
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord Prinsjesdag
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

Prinsjesdag m [1]

  1. derde dinsdag van september de opening van het parlementaire jaar in Nederland en aanbieding van de rijksbegroting
    • Als deze uitslag één ding duidelijk maakt is het dat regeren niet loont. Het kabinet Rutte-Asscher presenteerde op Prinsjesdag na vier jaar regeren een droombegroting. Wat moest stijgen steeg, wat omlaag moest, ging omlaag. Nederland is momenteel binnen de Europese Unie één van de best presterende landen. En toch hebben de kiezers de coalitie zwaar afgestraft. Het lijkt allemaal op 2002 toen een eveneens goed presterend PvdA-VVD kabinet, zwaar verloor. Voor de kiezer is politiek blijkbaar meer dan economische parameters. [2] 
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
96 % van de Vlamingen.[3]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. NRC 15 maart 2017
  3. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be