waarheid

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • waar·heid
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van waar met het achtervoegsel -heid.
enkelvoud meervoud
naamwoord waarheid waarheden
verkleinwoord (waarheidje) (waarheidjes)

Zelfstandig naamwoord

waarheid v

  1. dat wat waar is
  2. dat wat als waar wordt beschouwd door een persoon of groep
Antoniemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Spreekwoorden
  • de waarheid ligt in het midden
de waarheid bevat onderdelen van twee met elkaar in tegenspraak zijnde stellingen
  • een waarheid als een koe..
iets dat onomstotelijk waar is
  • al is de leugen nog zo snel, de waarheid achterhaalt hem wel
zelfs de best bedachte leugens zullen uiteindelijk worden weerlegd
Vertalingen
Vertalingen

Meer informatie

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen