voorkomen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: vóórkomen (hulp, bestand)
- IPA: /'vɔːr.ko.mə(n)/
- Geluid: voorkómen (hulp, bestand)
- IPA: /vɔːr.'ko.mə(n)/
Woordafbreking
- voor·ko·men
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| voorkomen /'vɔːr.ˌko.mə(n)/ |
kwam voor /ˌkʋɑm 'vɔːr/ |
voorgekomen /'vɔːr.ɣə.ˌko.mə(n)/ |
| klasse 4 | volledig | |
Werkwoord
(scheidbaar)
[A] vóórkomen
- (inergatief) met regelmaat ergens te vinden zijn
- (ergatief) voor het gerecht verschijnen
- Deze zaak komt voor op 2 mei.
- (ergatief) soms gebeuren
- Het komt zelden voor dat je een nog een reiswagen tegenkomt.
- (koppelwerkwoord) dunken, toeschijnen
- Het kwam hem onwaarschijnlijk voor dat dat waar was.
Vertalingen
1. met regelmaat ergens te vinden zijn
2. voor het gerecht verschijnen
|
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| voorkomen /vɔːr.'ko.mə(n)/ |
voorkwam /vɔːr.'kʋɑm/ |
voorkomen /vɔːr.'ko.mə(n)/ |
| klasse 4 | volledig | |
Werkwoord
(niet scheidbaar)
[B] voorkómen
- (overgankelijk) ervoor zorgen dat iets niet gebeurt.
- Voorkómen is beter dan genezen.
Uitdrukkingen en gezegden
De besmetting voorkomen.
Vertalingen
1. ervoor zorgen dat iets niet gebeurt
de besmetting voorkomen
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | voorkomen | - |
| verkleinwoord | - | - |
Zelfstandig naamwoord
vóórkomen o
- hoe men eruitziet
- Zijn voorkomen is altijd erg verzorgd.
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Klemtoonhomogram in het Nederlands
- Sterk werkwoord klasse 4 in het Nederlands
- Werkwoord in het Nederlands
- Scheidbaar werkwoord in het Nederlands
- Inergatief werkwoord in het Nederlands
- Ergatief werkwoord in het Nederlands
- Koppelwerkwoord in het Nederlands
- Onscheidbaar werkwoord in het Nederlands
- Overgankelijk werkwoord in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Dubbele betekenis in het Nederlands