verlegen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·le·gen
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen verlegen verlegener verlegenst
verbogen verlegene verlegenere verlegenste

Bijvoeglijk naamwoord

verlegen

  1. onzeker tegenover anderen
    Waarom ben jij toch zo'n verlegen jongen? Dat is toch helemaal niet nodig.
Afgeleide begrippen